
Vragen en antwoorden over de situatie in Molenbeek
“De werknemers in Molenbeek betalen voor het slechte beheer en de onderfinanciering.” Dat is de terechte reactie van veel werknemers en inwoners op de besparingen die de gemeente moet doorvoeren. Matteo Kopriva, voorzitter van PVDA Molenbeek, beantwoordt de meest gestelde vragen.
De gemeente moet 40 werknemers laten gaan en de eindejaarspremie halveren. Dat zijn moeilijke en onrechtvaardige maatregelen. Om te begrijpen hoe we hier zijn gekomen, moeten we teruggaan naar de financiële context.
Vorig jaar moest de gemeente al een begrotingstekort van 10 miljoen euro dichten. Toen kozen we ervoor om de last niet op het personeel af te wentelen. In plaats daarvan zochten we inkomsten bij de schouders die het meest kunnen dragen: grote kantoren, grote winkelcentra, private parkings, reclameborden, enzovoort. De gemeente heeft ook bespaard op andere gebieden, onder meer door de uitgaven voor politieke medewerkers te verminderen en de efficiëntie van bepaalde diensten te verbeteren.
Dit jaar staat de gemeente opnieuw voor een tekort van meer dan 10 miljoen euro. Dit komt door algemene prijsstijgingen, steeds meer facturen die door de federale overheid worden opgelegd, en de vermindering of schrapping van subsidies.
Een groot deel van dit nieuwe tekort kon worden opgevangen door maatregelen die het personeel niet raakten. Toch bleef er nog een gat van 4 miljoen euro over om te dichten.
Waarom is er uiteindelijk toch beslist om in te grijpen in het gemeentepersoneel?
De gemeente moest onderhandelen met het Gewest en de banken over het overgebleven tekort van 4 miljoen euro. Het is illegaal om een begroting met een tekort in te dienen. In dit kader werd geëist om extra besparingen door te voeren, wat heeft geleid tot een besparing van 2 miljoen euro op het personeel.
Ondanks dit alles hebben we het resterende tekort van 2 miljoen euro weten te behouden, wat uitzonderlijk is. Deze overeenkomst heeft erger voorkomen. Zonder deze afspraak waren het niet 40, maar 80 werknemers geweest die ontslagen hadden moeten worden. En de eindejaarspremie had niet gehalveerd, maar volledig geschrapt moeten worden.
Waren er andere maatregelen overwogen?
Er lagen verschillende scenario’s op tafel, maar wij hebben geweigerd om ze toe te passen. Zo was er sprake van om de onroerende voorheffing opnieuw te verhogen, het rusthuis Arcadia te sluiten of het gemeentelijk zwembad te privatiseren. Wij hebben ons verzet tegen deze maatregelen, die ook een zware impact zouden hebben op de werkende mensen in Molenbeek.
Hoe is de financiële situatie van Sint-Jans-Molenbeek zo zorgwekkend geworden?
Aan de ene kant erft de gemeente jarenlang slecht beheer. De vorige meerderheid heeft een geaccumuleerd tekort van 18 miljoen euro nagelaten, waar de huidige meerderheid nu de verantwoordelijkheid voor moet dragen. De financiële reserves van de gemeente zijn vrijwel uitgeput. En nog steeds ontdekt de nieuwe meerderheid regelmatig onbetaalde facturen.
Aan de andere kant is er structurele onderfinanciering. Bijna een derde van de gemeentebegroting gaat naar facturen die eigenlijk door de federale overheid moeten worden gedekt, maar dat niet zijn: politie, OCMW en pensioenen. Dat bedraagt ongeveer 75 miljoen euro per jaar in Molenbeek. En elk jaar stijgen deze facturen.
Sommige werknemers klagen ook over disfunctioneringen binnen de gemeentediensten.
We ontvangen inderdaad veel getuigenissen hierover, en we moedigen aan om deze te blijven melden. Onze taak bestaat juist uit het herstellen van de opgelopen schade. We hebben al verschillende veranderingen doorgevoerd. Zo klinkt het misschien ongelooflijk, maar de gemeente beschikte niet over een maandelijkse, nauwkeurige opvolging van de inkomsten en uitgaven. We hebben dit vorig jaar moeten invoeren, terwijl het een essentiële basis is voor elk financieel beheer. Er resteert nog veel werk om orde te scheppen in de gemeente.
Volstaat beter beheer om het probleem op te lossen?
Nee. Zelfs het beste beheer ter wereld lost het structurele probleem niet op: een derde van de gemeentebegroting gaat vandaag naar uitgaven die eigenlijk door de federale overheid zouden moeten worden gedekt: 75 miljoen euro per jaar voor politie, OCMW en pensioenen. En elk jaar stijgen deze uitgaven. Als de federale overheid deze kosten volledig voor haar rekening zou nemen, zouden er geen ontslagen nodig zijn.
Sommige burgers vinden dat de politieke verantwoordelijken ook hun steentje moeten bijdragen.
We zijn het daar volledig mee eens. Politieke verantwoordelijken moeten het goede voorbeeld geven. Vanaf het begin van deze legislatuur werkt deze meerderheid met één schepen minder en vier medewerkers minder dan de vorige. Vandaag zijn er nog tien politieke medewerkers in Molenbeek, ongeveer de helft van wat er bijvoorbeeld in Schaarbeek is.
Hoe zit het met de eindejaarspremie van de schepenen?
We hebben ervoor gepleit dat de schepenen afzien van hun volledige eindejaarspremie, zodat dit geld ten goede kan komen aan de werknemers met de laagste lonen. Vandaag is er een akkoord voor 80% van de premie van de schepenen. We willen nog een stap verder gaan en ook de overige 20% van deze premie teruggeven.
En de salarissen van de schepenen?
De verlaging van de salarissen van de schepenen was een van de eerste punten die we op tafel legden tijdens de onderhandelingen met onze meerderheidspartners. Op dit moment is er nog geen akkoord bereikt over deze kwestie. We zullen deze zaak blijven aankaarten. Ondertussen, en dat weet men, leven de PVDA-schepenen door met een gemiddeld arbeidersloon.
Wat is dan de oplossing?
We zullen alles blijven doen opdat de meerderheid een voorbeeldfunctie vervult in het beheer van de gemeente. We zullen aanwezig blijven op het terrein, aan de zijde van werknemers, verenigingen en jongeren, om de situatie concreet te verbeteren. Zoals bijvoorbeeld in de wijk Brunfaut, waar de gemeentediensten, samen met de inwoners en verenigingen van de buurt, erin geslaagd zijn om de netheid zichtbaar te verbeteren.
Maar bovenal: we zullen blijven strijden voor een correcte financiering van de gemeenten. Want alleen door te strijden zullen we jaar na jaar harde besparingen kunnen voorkomen.